Hypergeluk op een feestboek…

Waarom delen we via sociale media eigenlijk geen foto van de ingang van het Riagg als we naar binnen lopen voor de wekelijkse afspraak met onze therapeut? Ik vraag het me af terwijl ik op Facebook een foto plaats van al weer een gelukzalig moment in mijn leven.

Steeds vaker geldt dat de ervaring zonder zo’n foto minder betekenis heeft. Het beeld is het bewijs van een enerverend en blij bestaan dat we groots en meeslepend leven. Het delen met ‘vrienden’ geeft extra waarde aan de gebeurtenis. Het is een bijna compulsieve neiging, een zoektocht naar erkenning en bevestiging van wie we zijn en wat we doen. De waarde van de ervaring neemt toe als we haar delen met anderen, als we anderen kunnen betrekken bij die ervaring. En misschien nog wel belangrijker, de betekenis van de ervaring neemt af als we het niet doen. Het ambivalente van dit alles is dat we door het registreren steeds opervlakkiger ervaren… we zijn immers druk bezig met het vastleggen van het moment op film of foto en vervolgens met het delen via sociale netwerken. En dus zijn we niet meer volledig met onze gedachten en zintuigen bij de gebeurtenis zelf, we zijn maar half aanwezig in het hier en nu. Nicholas Carr schreef erover in zijn boek The Shallows: What the Internet Is Doing to Our Brains. Internet noemt hij een medium dat vluchtig en oppervlakkig maakt. We multitasken, maar doen niets meer echt met overtuiging. Het leidt ons naar collectieve ADHD meent Carr. Sociale media, zoals Facebook en Twitter, versterken dat proces, zo zei hij onlangs in De Volkskrant: ‘Juist de sociale netwerken leiden je af, omdat ze je voortdurend voeden met kleine stukjes informatie. Ze zijn het meest verleidelijk.’

bloggers-anonymous1-550x177

Wat we vervolgens delen met anderen is ook nog eens zeer selectief. Hierdoor ontstaat een vertekend beeld van de werkelijkheid. Het gaat op sociale media vrijwel nooit over de zelfkant van het leven. Over eenzaamheid, onzekerheid of angst. Nee, we plaatsen geen foto vanuit de wachtruimte van het Riagg met de tekst: ‘Pom-ti-dom, wacht op mijn wekelijkse afspraak met therapeut. Gaan het vandaag hebben over de leegte die ik soms voel.’ We delen wel de zonsondergang, het gezellige etentje of de laatste film die we hebben gezien. Die altijd vrolijke, gelukkige maar oppervlakkige facebook-werkelijkheid waarin voortdurend van alles gaande is, verandert langzaamaan de perceptie van ons zijn. Ongelukkig zijn wordt steeds meer een onacceptabele afwijking. We leren af dat een naar gevoel ook onderdeel kan zijn van een normaal leven. We leren ook af om te gaan met tegenslag, want ongeluk past niet. De Amerikaanse kinderarts Gwenn O’Keeff wijst op het gevaar hiervan voor onzekere kinderen, zij ontdekte de Facebook depressie. Al die foto’s en berichten van gelukkige ‘vrienden’ die van alles meemaken, maken kinderen nog meer onzeker over hun eigen leven. Er is volgens andere kinderartsen ook wel wat positiefs te melden, voor jongeren die wat stabieler zijn geeft Facebook namelijk juist een gevoel van verbondenheid.

Maar terug naar dat vertekende beeld. Socioloog Jean Baudrillard zag het al bij de komst van soaps. Zijn redenering: we verliezen steeds meer het contact met de echte wereld omdat we onze werkelijkheid baseren op dat wat we zien op televisie.

The very definition of the real has become: that of which it is possible to give an equivalent reproduction…The real is not only that what an be reproduced, but that which is always already reproduced: That is, the hyperreal…which is entirely in simulation.

Na het zien van de soap verlangen we naar dat enerverende leven met een aanhoudende spannende cliffhanger. We maken daarbij een absurde cirkel; het oppervlakkige leven van de hoofdpersonages in soaps is losjes gebaseerd op de werkelijkheid, het spannende leven uit de soap wordt vervolgens nastrevenswaardig en gecopieerd en uit die nieuwe werkelijkheid putten de makers van soaps vervolgens weer…weet jij nog wat echt is? Deze hyperrealiteit ontstaat ook door wat we delen op Facebook en Twitter. We proberen de zorgeloze feeststemming, die we bij vrienden zien, te benaderen. En in die poging verandert ons gedrag. Grote teleurstelling natuurlijk als we de discrepantie ontdekken tussen de ‘echte’ realiteit en die op sociale media. Want al die overdadige vrolijkheid blijkt toch minder makkelijk maakbaar en haalbaar. Maar ja, die teleurstelling kunnen we dan weer niet delen met onze ‘vrienden’ op Facebook…

5 comments

  • De toenemende taboe op ongelukkig zijn doet me denken aan het boek dat ik momenteel lees: ‘Een heerlijke nieuwe wereld’, van Aldous Huxley, beter bekend als ‘A brave new world’. Ken je het? Geschreven in de eerste helft van de 20e eeuw. Voor ongelukkig zijn hebben ze een goed alternatief, soma. Een drugs die je prettig doet voelen, alleen het moment laat ervaren en tot in oneindigheid doet vergeten. Die door de overheid gepropagandeerd en afgegeven wordt en de standaardisatie van de nieuwe wereld is. “Eén cc en je doet weer vrolijk mee.”

  • Ik voel me er bijna bezwaard om, maar dit artikel móét ik gewoon met al mijn Facebook- en Twittervrienden delen. Het spijt me. De spijker op de kop en herkenbaarheid troef.

  • Lara,

    Dat is een herkenbaar beeld dat je schetst, maar het lijkt ook op de opmerking van koningin Beatrix in haar toespraak.
    Sociale media moet je leren gebruiken, net als het nieuwe werken weer nieuwe uitdagingen heeft. Zo beschouwd is het een nieuwe uitdaging om te zorgen voor voldoende diepgang.
    Het positief presenteren naar buiten toe is al tijden een herkenbaar fenomeen. Ik hoef maar naar mijn zoontjes te kijken die een brede smile opzetten, zodra je de camera op hen richt.
    De gesprekken bij de koffie op het werk laten eenzelfde beeld zien.
    De vele activiteiten die mensen tijdens hun vakantie ondernemen of zeggen ondernomen te hebben, roepen bij mij altijd de vraag op of ze niet alweer aan vakantie toe zijn.
    De verbondenheid van de uitdagingen en mogelijkheden trekt mij bovendien meer dan clubjes die in slachtofferrol blijven hangen en zichzelf isoleren.
    Het bericht over een geregeld bezoek aan een psycholoog, je ervaringen erbij kan je ook face to face met mensen delen.
    En zonder Twitter was ik nooit op je blog gekomen, die toch zeer de moeite waard is en stof geeft tot nadenken;)

    Mirjam

  • Facebook en twitter staan voor “infantilisering”, voor het faciliteren van “aandacht krijgen”, zoals pubers uren lang met elkaar een goed gesprek kunnen hebben over zichzelf…

    ´K was eens in een groep op vakantie en verbaasde me in het begin over iemand, die meer dan een uur over zichzelf kon praten zonder een vraag te stellen. Wat een gek mens, dacht ik nog. Later bleek dat driekwart van de groep uit dat soort mensen bestond, die het heel leuk en gezellig hadden met aan elkaar voorbij praten. Als pubers..

    En dat wordt extra mogelijk gemaakt met Facebook en Twitter: alle (nietszeggende) hoogtepunten voor iedereen op een rijtje.
    Ik heb meelij met de mensen die wegvluchten ipv kunnen stilstaan bij de nietszeggendheid van het bestaan: je wordt alleen geboren en je gaat alleen dood, en het kerkhof ligt vol met mensen die onmisbaar waren.
    Want die facebook mensen zijn volop bezig hun identiteit gelijk te schakelen aan de verwachtingspatronen van hun omgeving. En dat moet allemaal positief zijn. Geen problemen meer, alleen “uitdagingen”…

    Geen wonder, die campagne laatst van Sire ( http://www.sire.nl/), om mensen niet af te schrijven wanneer ze door zware ziektes etc niet meer in het circusje kunnen meedraaien. De mensen willen steeds meer alleen lol en plezier en kunnen biet meer tegen de zelfkant. Zoals een bekend schrijfster laatst tegen iemand zei waarvan ze net te weten was gekomen dat die ex-patient was: “iedereen gaat maar dood aan kanker, ik word er gek van”, om daarop de relatie te verbreken..

    Triest die mensen die verplicht gelukkig moeten en willen zijn. Hoe kan écht en éigen geluk nu bestaan wanneer “geluk moet” van de (oppervlakkige) sociale omgeving?
    Kortom : afhankelijk van het gebruik kunnen de sociale media een teken zijn van de veelgenoemde “vervlakking” en infantilisering.

  • Helemaal eens met bovenstaande reacties. En toch ook zelf fervent (of verslaafd?) Facebooker, al neemt het weer iets af de laatste tijd.
    Doet me denken aan deze uitspraak: “Never before have so many people with so little to say said so much to so few” – Despair.com.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *