Debat-inflatie en formateritis

Lijsttrekkers die na het zoveelste debat als gebakken spekjes de studiovloer verlaten… collega Joost Vullings omschreef het vanochtend treffend. En hoe ben jij eraan toe? Heb je als kiezer wat gehad aan al die debatten? Het waren er acht, in drie weken tijd. De lijsttrekkers gingen langs bij Knevel & Van den Brink en het Jeugdjournaal. Er was het Premiersdebat bij RTL, het Radio 1 lijsttrekkersdebat, het Erasmusdebat bij EenVandaag en natuurlijk het grote knoppenspektakel in Carré. De debattenreeks begon en eindigde bij de NOS op televisie.

“Je kunt hier spreken van debat-inflatie”, zegt campagnedeskundige Hans Anker in het Radio 1 Journaal. “Zet twee politici aan tafel en het heet een debat. Het zou beter zijn om de Nederlandse kiezer op te voeden door te laten zien wat nu echt een debat is.” Volgens Anker lijden omroepen ook nog aan formateritis. Ze kiezen voor knellende vormen, de rode en groene knoppen… alles om de kijker of luisteraar vast te houden.

Roderik van Grieken, directeur van het Nederlands Debat Instituut, houdt van het debat. Maar zelfs voor hem was het te veel van het goede. “Het voegt niet zoveel toe en je ziet dat in die debatten telkens dezelfde thema’s terugkomen. Je kunt van de lijsttrekkers niet verwachten dat ze dan steeds met iets nieuws komen.” In zijn boek Een feest voor de democratie wijst ook hij op de sturende en knellende formats van de programmamakers. Een van de belangrijkste doelen van een verkiezingsdebat is het informeren van de kiezer, schrijft Van Grieken. Maar dat democratische doel komt regelmatig onder druk te staan. De programmamakers hebben namelijk een eigen deelbelang… de kijkcijfers. De debatten moeten spannend, emotioneel en te behappen zijn, anders haken kijkers en luisteraars af is de gedachte.

Volgens Anker en Van Grieken zouden we eens naar Amerika moeten kijken. Daar organiseert de Commission on President Debates de debatten. Zij onderhandelen met de campagneteams van de Republikeinen en de Democraten over het aantal debatten en op welke momenten die plaatsvinden. Ze maken samen ook afspraken over de locaties en de vorm. Een groot verschil met Nederland, waar de omroepen een leidende rol hebben, tal van debatten organiseren en politici al dan niet komen opdraven. Toegegeven, het is wat lastig onderhandelen met elf gevestigde partijen, maar toch.

We legden het pleidooi van beide heren toch maar even voor aan D66-lijsttrekker Alexander Pechtold. Hij wil in ieder geval na de verkiezingen discussie over de afgelopen weken. “Het was wel erg druk met debatten.” Volgens Pechtold moeten politiek en journalistiek erover nadenken. “Daarin hebben we samen een verantwoordelijkheid.”

Luister hier de interviews met Pechtold, Van Grieken en Anker terug.

One comment

  • “Volgens Anker en Van Grieken zouden we eens naar Amerika moeten kijken. Daar organiseert de Commission on President Debates de debatten. Zij onderhandelen met de campagneteams van de Republikeinen en de Democraten over het aantal debatten en op welke momenten die plaatsvinden. Ze maken samen ook afspraken over de locaties en de vorm.”

    En daar moeten wij een voorbeeld aan nemen? Die debattencommissie (bestuurd door Democraten en Republikeinen) houdt doelbewust kandidaten die niet tot de Democratische of Republikeinen behoren buiten het debat, zoals Ralph Nader of andere onafhankelijke kandidaten van linkse of andere signatuur. Geen wonder dat de debatten in de VS nergens over gaan.

Leave a Reply

Your email address will not be published. Required fields are marked *